Praktisch
Zes tips voor een goede fotobriefing
Herken je dit? Je brieft een fotograaf voor je bedrijfsblad. Krijg je een foto terug waarvan je denkt: maar dit bedoel ik niet. Vaak zit het dan mis in je briefing.
Docent fotoredactie Edie Peters en fotografen Serge Ligtenberg en Kees Hummel vertellen hoe volgens hun de ideale fotobriefing voor een bedrijfsblad eruit ziet.
Tip 1: Plek in het blad
Heb je een liggende of staande foto nodig? Hoeveel ruimte is er voor de foto op de pagina? Staat de foto op een linker- of rechterpagina? Moet er tekst door de foto geplaatst kunnen worden? Waar? Voor welke rubriek is de foto en welke kenmerken heeft dit beeld altijd? De plek die de foto in het blad inneemt. Daar gaat dit over. Zulke informatie moet altijd in de fotobriefing staan. Fotograaf Serge Ligtenberg (werkt onder andere voor De Telegraaf en is aangesloten bij Hollandse Hoogte): “Als er maar weinig plaats is voor de foto, is het zonde als ik een ruimtelijke foto maak. Daar zie je niets van terug. Dan kan ik beter een close-up maken.”
Tip 2: Specifieke zaken
Benoem in de fotobriefing zaken die voor het artikel heel specifiek zijn. Het gaat om elementen die je per se in de foto moet terugzien, anders slaat de foto de plank mis. Docent fotoredactie Edie Peters: “Is het voor het artikel belangrijk dat de geïnterviewde pijp rookt? Dan moet de fotograaf weten dat de te portretteren persoon met pijp op de foto moet.”
Tip 3: Het verhaal
Hoeveel informatie over het artikel moet er in de briefing staan? Daarover verschillen de meningen. Edie vindt dat er kort in moet staan waarover het verhaal gaat. “Dan kan de fotograaf bepalen wat voor foto bij de tekst past en er zijn creativiteit op los laten.” Fotograaf Kees Hummel wil alleen maar weten welke emotionele lading de foto moet hebben – treurig, blij, krachtig. Dat wil hij juist niet zelf bepalen. Kees: “In elk verhaal zitten verschillende emoties en een emotie kan in diverse verhalen voorkomen. Stel ik haal er zelf de emotie ‘krachtig’ uit, en de fotograaf van een ander artikel haalt dat ook uit zijn briefing. Dan zit de bladenmaker met twee soortgelijke foto’s.”
Serge weet van te voren het liefst helemaal niets. Hij gaat er graag onbevangen in. “Hoe meer ik mij laat verrassen, des te mooier de foto.” Serges tactiek: hij maakt tijdens het uitpakken van zijn fotospullen een praatje met degene die op de foto gaat. Serge vraagt hem waar het verhaal over gaat en bekijkt samen met hem wat hij een prettige plek vindt voor de foto. “Die ontspannenheid zie je terug in de foto.”
Foto van Kees Hummel.
Tip 4: Geef geen “tips”
Een fotograaf is een vakman en je huurt hem in om zijn expertise. Die expertise is ‘kijken’. “Fotografen en redacteuren kijken verschillend,” zegt Edie. Een fotograaf kan mogelijkheden voor een mooie foto zien, waar een redacteur die niet ziet. Een redacteur kan een kantorenpark oninteressant vinden voor een foto. Maar de fotograaf haalt er wellicht net die ene lijn of dat kleurvlak uit waardoor het een mooi beeld wordt. Andersom kan een redacteur een kamer mooi vinden voor de foto, maar de fotograaf ziet of de ruimte ook geschikt is voor een foto. Hij ziet of het licht geschikt is, of het plafond te laag is. Een fotograaf krijgt graag de ruimte om zijn expertise in de praktijk te brengen. Probeer hem daarom geen ‘tips’ te geven die hem daarbij in de weg staan zoals ‘de kamer van de directeur is prachtig, daar kun je vast een mooie foto maken’. Of dat de geportretteerde bij de deur moet staan, want het artikel gaat over gastvrijheid.
Tip 5: Geef vertrouwen
In de lijn van tip 4: Fotografen krijgen graag de ruimte om hun creativiteit kwijt te kunnen. Geef ze een aantal elementen – tip 1 en 2 –, vervolgens geven ze graag zelf invulling aan de foto. Soms heeft de maker van een fotobriefing al in zijn hoofd hoe de foto eruit moet komen te zien. Een schets of voorbeeldje vergezeld dan dikwijls de briefing. Vaak levert de uiteindelijke foto dan teleurstelling op bij de briefer. Serge: “De omstandigheden zijn altijd anders dan de omstandigheden op het voorbeeld.” Resultaat: een ander beeld dan de briefer in zijn hoofd heeft, dus teleurstelling. Een fotograaf die zijn creativiteit niet kwijt kan, dus frustratie. Kees: “Ik word heel blij van een briefing die het vertrouwen uitstraalt dat ik met een goede foto terugkom.”
Tip 6: Bouw een relatie op
Het is geen eis aan een fotobriefing, maar het werkt wel gemakkelijker: bouw een band op met de fotograaf. Waarschijnlijk heb je de ervaring zelf al: het werkt het prettigst met een fotograaf die je al kent. Edie: “Dan weet je wat je aan elkaar hebt, dan kent de fotograaf de stijl van je blad en hoef je eigenlijk alleen nog te zeggen ‘het is voor die rubriek’.” Een relatie opbouwen met een fotograaf heeft nog een voordeel. Serge: “Voor een vaste opdrachtgever ben ik eerder geneigd een extra stap te zetten of meer tijd in een foto te steken dan eigenlijk als ondernemer verantwoord is.”
Andersom werkt het voor de fotograaf ook prettig. Het felbegeerde vertrouwen krijgen Kees en Serge vooral van opdrachtgevers waar ze al langer voor werken. Serge werkt daarom niet eens voor eenmalige klanten. Dat is ook de reden waarom hij geen eigen website heeft en bijna onvindbaar is op internet.
Er zijn nog geen reacties op dit artikel
TwieT magazine: stoomcursus twitteren
TwieT magazine, de eerste twitterglossy van Nederland. Glossy? Een how-to gids is een betere benaming. Het wringt, erkennen de makers van TwieT in de editorial. Een blad maken over Twitter is een contradictie. De beknoptheid, de snelheid, en de interactie, zie dat maar eens te vangen in de vorm van een tijdschrift. Gelukkig is het doel van het blad bescheiden: de lezer laten zien hoe leuk Twitter is. Daarin slaagt TwieT zeker, lees verder
Denk: beeld
Een nieuwe invalshoek voor een onderwerp dat vaak in je personeelsblad staat? Dwing jezelf een keer niet meteen in tekst te denken, maar in beeld. Ideeën voor vijf onderwerpen die in ieder personeelsblad staan. Denken in beelden in plaats van woorden. De truc is om direct na de redactievergadering geen pen te pakken, maar een potlood. Niet een lijntjespapier, maar een blanco wit vel. En niet te beginnen met een vragenlijstje voor een interview, of een alinea-indeling voor een artikel, maar met een schets voor een spread. Hieronder een aantal voorbeelden om het denkproces op gang te helpen. lees verder
