Achtergrond

Maakt de reputatie van de zender nu wel of niet uit?

Door Pjotr van Lenteren 7 maart 2011

0 reacties

Christel van de Burgt onderzocht of het voor de geloofwaardigheid uitmaakt of een nieuwsbericht in de krant, op een website van een bedrijf of van een belangenorganisatie stond. De conclusie dat het niet zo veel bleek uit te maken, leidde tot discussie onder vakgenoten op het web. Wat nu?

Bart Kleijn, onderzoeker en Client Director bij MediaTest denkt dat het wel uitmaakt wie het zegt als de berichtgeving gekleurd is
“Christel geeft het zelf al aan in haar onderzoek: we moeten uitkijken dat we niet aan de haal gaan met de resultaten. Het is een goed uitgevoerd onderzoek, maar het moet herhaald worden. We kunnen op dit moment alleen concluderen dat het bij een neutraal, feitelijk bericht niet uitmaakt wie de zender is. Als er had gestaan: vervuiling in de Rotterdamse haven opgelost, dan had het natuurlijk wél uitgemaakt of het bericht in het Algemeen Dagblad, de Havenkrant of op de website van Milieudefensie had gestaan. Lezers wegen de bron natuurlijk wél mee, maar ze gaan dit pas doen als de inhoud van het bericht hier aanleiding toe geeft. Het maakt nogal uit of een bank zelf vertelt over hun geweldige hypotheek of over dat nieuwe goede doel waar ze honderd miljoen aan hebben gegeven. Ik denk dat de grens ligt bij feitelijke controleerbaarheid. Als je in een reclame voor een auto leest dat de motor vier cilinders heeft, dan geloof je dat. Staat er: deze auto is de sterkste in zijn klasse, dan neem je dat met een korreltje zout. Of dit veel onderzocht wordt? Het is een vraag die wij in lezersonderzoeken altijd meenemen, maar we zouden er graag meer algemeen onderzoek naar willen zien zoals dit van Christel van de Burgt.”

Peter Kerkhof, bijzonder hoogleraar Customer Media bij de VU, denkt dat mensen geloofwaardigheid van de bron als filter gebruiken in de informatie-overload
“Grappig, een student van mij is met een vergelijkbaar onderzoek bezig, dus we gaan hier op korte termijn zeker op door. Er is veel belangstelling voor dit onderwerp. Banken zitten bijvoorbeeld sinds de crisis met een enorm imagoprobleem. Ze willen graag hun publiek opvoeden, maar hoe vertel je nog op een geloofwaardige manier dat dit een goed moment is om in de aandelen te stappen? Ons onderzoek gaat berichten vergelijken over dit soort onderwerpen en kijken of het uitmaakt of dit bericht van de Financiële Telegraaf komt, van de Consumentenbond of van een bank. Jij vindt de uitkomst voor de hand liggen? Ik wil dat eerst eens zien. Bovendien denk ik dat er zeker verschillen zullen zijn op tekstsoort. Ik ben benieuwd wat het verschil in waardering is tussen een diepgravende journalistieke tekst en een oppervlakkige met mooie claims, over hetzelfde onderwerp. Wat uit onderzoeken die ik ken blijkt, is dat feitelijkheid een grote rol speelt in artikelen. Bijvoorbeeld in dit onderzoek over claims van Kia en Volvo. De veilige reputatie van Volvo maakt hun berichten bij voorbaat geloofwaardiger dan die van Kia, maar als ze concreet over airbags schrijven, vindt de lezer ze allebei even geloofwaardig. Het effect van de bron wordt steeds sterker. In de jaren zeventig woog men de bron ook wel, maar niet zo uitgesproken als nu. Dit komt denk ik door de informatie-overload, mensen gebruiken geloofwaardigheid als filter. De journalist die dit voor je deed, is in veel gevallen weg. Dus je moet het zelf doen. Geloofwaardigheid is dus voor alle journalisten een zeer relevant onderwerp.”

Christel van de Burgt, de onderzoekster, vraagt zich nu af hoe je geloofwaardigheid kunt bevorderen als je niet gebruik kunt maken van een gevestigd merk
“Ik durf niet zo stellig te zijn als Bart Kleijn, maar ik deel zijn vermoeden dat men bij een gekleurd bericht waarschijnlijk andere factoren, zoals de bron, meer in overweging neemt bij het inschatten van de geloofwaardigheid. Het lijkt me ook wel logisch. Bij feitelijke informatie is er namelijk weinig ruimte voor subtiele leugens. En geen gevestigde organisatie zal het aandurven om haar consumenten glashard voor te liegen. De waarheid komt namelijk ooit wel boven tafel. Bij niet-feitelijke informatie is her en der nog wel een lovend bijvoeglijk naamwoord toe te voegen. Maar toch geloof ik niet dat het zo eenvoudig is: als je net een ontzettend dure auto hebt gekocht en je leest ergens dat precies die auto ‘de sterkste in zijn klasse is’, dan denk ik dat je dat gelooft, omdat je het wilt geloven. Ook als de informatie in de reclamefolder van je eigen autodealer staat. Ik zeg net als Kerkhof: ik wil dat eerst eens zien. Ik ben erg benieuwd naar meetmethode en resultaten van het onderzoek waarover Kerkhof het heeft.
Ik deel ook zijn mening over het belang van het effect van bronnen in onze informatiesamenleving. Het roept bij mij alleen andere vragen op. We linken geloofwaardigheid vaak aan de oeroude nieuwsmerken, zoals de Volkskrant en NRC Handelsblad. Hoe gaan freelance journalisten, die onder eigen naam publiceren autoriteit claimen als ze niet meer publiceren onder de vlag en bijbehorende garanties van de gevestigde nieuwsmerken?”

Christel van de Burgt vertelt op What’s Next 3 over het onderzoek.

Reacties

Er zijn nog geen reacties op dit artikel

Drie nieuwe supermarktbladen

16 april 2012

Allerhande, maak je borst maar nat! De afgelopen tijd zagen drie nieuwe supermarktmagazines het licht. Coop, C1000 en Jumbo komen ieder met een eigen tijdschrift. BJ.nl deed vergelijkend warenonderzoek. lees verder

CHECK CHECK CHECK

3 april 2012

In de journalistieke waan van de dag worden we soms slordig. Slikken we zaken misschien wel eens voor zoete koek. Maar het kan geen kwaad om feiten en bronnen te checken. Je artikel, blad, nieuwsbrief of website wordt er beter van. Check! Les 1 van het vak Journalistieke Technieken op de School voor Journalistiek begint er zo ongeveer mee: check de feiten en check je bronnen. lees verder