Achtergrond
Goed, we worden oppervlakkig van internet… en nu?
Volgens Nicholas Carr veranderen we in oppervlakkige verlengstukken van het internet als we niet uitkijken. Dat is ook voor bedrijfsjournalisten die zich op social media storten een zorg. Of is al die internetkritiek ook weer een hype? Ik denk van wel.
Waar gaat het boek van Nicolas Carr over?
Nicolas Carr zelf fanatiek internetgebruiker en schrijver van het essay Is Google Making Us Stupid?, waarschuwt dat wij daardoor iets essentieels dreigen te verliezen: ons intellect. Onze Westerse cultuur is volgens hem een bijproduct van de uitvinding van het boek. Het schrijven en lezen van boeken heeft mogelijk gemaakt dat wij loskwamen van wat ons verteld werd – door mythologie, kerk en staat – en onafhankelijk hebben leren denken. Geen cultuur, geen wetenschap, geen filosofie zonder boek. Maar als we niet uitkijken, kunnen we volgens Carr straks niet meer dan twee of drie bladzijden lezen.
Het ondiepe, hoe onze hersenen omgaan met internet vat onderzoeken samen die neurologen hebben gedaan naar de reactie van onze hersenen op internetgebruik. De resultaten liegen er niet om: verminderde concentratie, aandacht, overzicht, begrip, geheugen. Van internet word je oppervlakkig. En dat is mogelijk een blijvend effect, doordat de hersens zich razendsnel aanpassen aan je internetgebruik. Hoe slimmer wij onze netwerken maken, hoe minder slim wij zelf worden. 
Na het geklets over web 2.0 komt de spijtoptantenliteratuur
Het internet kan bijna niet overschat worden en toch zijn er velen die het doen. Door te verkondigen dat wij midden in de grootste stap voorwaarts in de geschiedenis zitten, maar ook door juist te roepen dat internet de oorzaak is van onze ondergang. Het ondiepe valt in die laatste categorie. En dat is een beetje gek, want was deze man, auteur van www.roughtype.com niet juist een fanatieke blogger en altijd de eerste om nieuwe speeltjes uit te proberen?
We moeten een beetje rekening gaan houden met een omgekeerde hype. Nu er aan evangeliseren van niet-gebruikers niet zo veel meer te verdienen valt in het boeken- en lezingencircuit, wordt het weer tijd om de wereld rond te toeren met het omgekeerde verhaal: internet is juist heel slecht. We hebben alle reden om Nicholas Carr, die literatuur studeerde aan Harvard en een tijd editor was van de Harvard Business Review voor hij over mediatechnologie ging schrijven, een beetje te wantrouwen. Dit boek is een duidelijk voorbeeld van spijtoptantenliteratuur.
Carr vertelt een mooi verhaal, maar het voelt als die nare ex-roker, waarvan je heel goed weet dat hij altijd "doe nou gezellig mee" zei en die je nu komt vertellen hoe heerlijk het is om niet meer te roken en dat het toch wel erg ongezond is. Carr vertelt dat hij zich in de bergen van Colorado (geen telefoon, langzaam internet) heeft teruggetrokken om dit boek te schrijven. Dat zou indrukwekkend zijn, als hij niet op de laatste bladzijde vertelt dat hij inmiddels weer gewoon internet gebruikt zoals iedereen. En ik maar denken dat je er dood van ging.
‘Diep lezen’ is een vaardigheid die door internetgebruik wordt bedreigd
Maar er is ook veel moois te vinden in Het ondiepe. In de eerste hoofdstukken beschrijft Carr hoe hij van een lezende intellectueel veranderde in een internetverslaafde die zich nog maar kort op iets kan concentreren. “Ik miste mijn oude hersenen.” Dat het internet je met zijn snelle prikkels, korte soundbites, followers en like-knoppen steeds beloont voor oppervlakkigheid en snelheid, en neurologen hersenverandering aantonen, is even schrikken. En om aan te geven dat die hersenveranderingen echt zorgwekkend zijn, gaat Carr helemaal terug naar Socrates en Plato. Het verhaal dat hij van daaruit vertelt over de geschiedenis van het schrift is meeslepend. Carr maakt duidelijk welke enorme betekenis het heeft gehad dat we in de Griekse tijd zijn gaan schrijven en in de Middeleeuwen stil en voor onszelf zijn gaan lezen. Werd vroeger alles gedicteerd aan een klerk – geen plek om opruiende of erotische teksten te gaan verkondigen – ontstond in de studiecel van de in stilte studerende en schrijvende geleerde het Westerse denken. De intellectueel en de wetenschapper met hun in- en overzicht zijn een bijproduct van ‘diep lezen’. Iets wat we kwijt kunnen raken door alleen nog maar te internetten.
Carr heeft iets te pakken maar denkt niet na over oplossingen
Carr vat de cultuurgeschiedenis en het laatste onderzoek goed samen, maar vertelt niets nieuws. Carr citeert en parafraseert alleen maar anderen. En voegt er geen denkwerk aan toe. Zelfs de kritiek op zijn eigen denken staat al in zijn boek: de dood van het boek wordt al meer dan honderd jaar aangekondigd. De vorige bedreiger? De krant! In de negentiende eeuw, toen London ongeveer honderd kranten had en de journalistiek hoogtij vierde, werd ook gevreesd voor de ondergang van de intellectualiteit. Dat die verwachtingen bepaald niet uitkwamen, maakt Carr niet voorzichtiger aangaande zijn eigen voorspellingen. Carr schrijft net als elke internetter vooral veel over, beperkt zich tot waarschuwingen die nogal voor de hand liggen en laat het interessantste weg: de oplossing.
Het ondiepe is in één samen te vatten: zet je computer regelmatig uit
Carr kon zijn boek schrijven door zich terug te trekken in de bergen. En hij verkondigt vol trots dat hij, sinds hij klaar is met zijn boek, nog maar één keer per uur zijn mail checkt. Gelukkig, constateert Carr, passen je hersens zich ook weer snel aan het gewone, rustige, intellectuele leven aan. Dat is heel knap bedacht, Nicholas, maar dat heet timemanagement. Is dat nou alles?
Het is fijn om me weer bewust te zijn hoe belangrijk lezen is, maar verder is Het ondiepe veel te dik en te veel poeha. Ik voorspel dat zoiets als een laptoploze zondag heel gewoon gaat worden. En de mensen die voorop liepen bij Web 2.0 zullen ook hierin wel weer voorop willen lopen. Ik wens de lezers van dit soort internetdoemdenkerij veel gezond verstand toe. En een goed geheugen.
Het ondiepe, hoe onze hersenen omgaan met internet
Nicholas Carr. Vertaald door Maarten Schellekens
Maven Publishing, 328 pagina’s, € 20
ISBN 9789490574130
Er zijn nog geen reacties op dit artikel
Drie nieuwe supermarktbladen
Allerhande, maak je borst maar nat! De afgelopen tijd zagen drie nieuwe supermarktmagazines het licht. Coop, C1000 en Jumbo komen ieder met een eigen tijdschrift. BJ.nl deed vergelijkend warenonderzoek. lees verder
CHECK CHECK CHECK
In de journalistieke waan van de dag worden we soms slordig. Slikken we zaken misschien wel eens voor zoete koek. Maar het kan geen kwaad om feiten en bronnen te checken. Je artikel, blad, nieuwsbrief of website wordt er beter van. Check! Les 1 van het vak Journalistieke Technieken op de School voor Journalistiek begint er zo ongeveer mee: check de feiten en check je bronnen. lees verder
