Interview
"Bedrijfsjournalisten zijn óók kritisch. Wat dacht jij dan?"
Bekrompen journalisten hoor je roepen dat bedrijfsjournalistiek geen vorm van journalistiek is. Aan bedrijfsjournalistiek zou geen labeltje ‘onafhankelijk en dramatisch kritisch’ hangen. Verondersteld wordt dat bedrijfsjournalisten kritiekloos de opdracht opvolgen zonder enig gebruik van hun journalistieke nieuwsneus. Bedrijfsjournalist en ‘vrije’ journalist Laura van den Burgt vertelt dat interviewtechnieken van bedrijfsjournalisten en reguliere journalisten niet zo gek veel verschillen. “Het is niet de techniek van het interviewen die je aanpast; het is je verhaal.”
Concreet schetst Laura van den Burgt in Jip-en-Janneke taal de definities van beide vormen. “Een bedrijfsjournalist is een tekstschrijver die in opdracht van een bedrijf schrijft en hij dient daarbij het bedrijfsbelang. Een ‘vrije’ journalist heeft een grote eigen verantwoordelijkheid en moet zelf met een relevante boodschap komen. Hij dient hiermee het maatschappelijk belang en de samenleving. Tussen deze twee begrippen zit een aanzienlijk verschil, maar een bedrijfsjournalist is wel degelijk een echte journalist.”
Leg eens uit.
“Als journalist dien ik een ander belang dan wanneer ik bedrijfsjournalist ben. Maar in beide gevallen vraag ik naar dingen die de lezer wil weten. Reorganisaties? Daar laat ik het positieve, maar zeker ook het negatieve geluid horen, anders word je verhaal totaal niet serieus genomen door de doelgroep. Van de opdrachtgever krijg ik informatie over het verhaal. Hoe moet het eruit zien? Wat is de bedoeling? Waar moet het aan bijdragen? Zijn er bepaalde geruchten die de wereld uit moeten worden geholpen? De directie kiest meestal de interviewkandidaten uit.”
Krijg je dan niet alleen ja-knikkers?
“De notoire zeikerds krijg ik natuurlijk niet te spreken. Ze kiezen wel altijd mensen uit die echt iets toevoegen.”
Je bent dus afhankelijk.
“Ja, dat klopt. In zoverre ben ik niet onafhankelijk en kan ik niet mijn eigen invalshoeken kiezen. Maar het ontbreekt bedrijfsjournalisten zeker niet aan een kritische blik. Ik merk dat het daar in de ‘normale’ journalistiek allemaal om draait. Maar helaas wordt het dan vaak negatief kritisch. Terwijl je, als je positief kritisch bent, heel veel los kunt krijgen.
Ik heb een beetje moeite met de houding van veel vrije journalisten; zuur zijn als teken van je kritische houding. Dat heeft namelijk niet zo veel met goede journalistiek te maken.”
Wat dan wel?
“Als je iemand interviewt, moet je ervoor zorgen dat iemand zich op zijn gemak voelt. Ik ben niet terughoudend in een bedrijfsjournalistiek interview. Juist niet. De mensen zijn echt niet dom. Als er een grote reorganisatie voor de deur staat, weet men heel goed dat ik daar vragen over ga stellen. Heel veel mensen denken dat een bedrijfsjournalist zich laat voorlichten door de geïnterviewde. Ik moet altijd zo lachen als dat gezegd wordt.”
Hoezo?
“Nou, omdat ik me als bedrijfsjournalist ook moet voorbereiden. Ik moet me ook inlezen en inleven. Ik moet óók het vertrouwen van degene tegenover me zien te winnen. Ik moet hem of haar óók op zijn of haar gemak stellen.”
Maar wat is er dan wel anders?
“De techniek van het interviewen is niet zozeer anders. Ik stel gewoon dezelfde vragen. Er is alleen een invalshoek voor je bedacht. Uiteindelijk betaalt de opdrachtgever jou om zijn verhaal te schrijven.”
Hebben we dan niet te maken met bedrijfsstokpaardjes?
“Ja en nee. Je moet het zo zien: je krijgt een opdracht en een onderwerp. De directie verwacht van jou dat je inzicht hebt in het bedrijf en dus ook je interviews afstemt op het bedrijfsbelang. Dat betekent niet dat ik de mensen niet mag vragen naar de gevoelige snaren. De woordkeuze en de manier van opschrijven maakt een wereld van verschil. Zolang je maar aan je interviewkandidaat laat merken dat je hem geen oor aan wil naaien.”
Heb je een voorbeeld?
“Laatst had ik de opdracht om een stuk te schrijven voor een zorginstelling in Nederland. Net voordat ik dat stuk ging schrijven, was er sprake geweest van een ‘opstootje’, omdat er gedoe was rondom het wel of niet mogen volgen van een extra opleiding. Eerst zou er een select groepje deel mogen nemen. Maar het was niet duidelijk wie daar nou wel of niet voor in aanmerking kwam. Uiteindelijk was mijn taak om een aantal mensen te interviewen die met deze kwestie te maken hadden gehad. Mijn werk als bedrijfsjournalist moet ervoor zorgen dat mensen zich betrokken voelen bij het bedrijf en gemotiveerd blijven.”
De bedrijfsjournalist als vertrouwenspersoon?
“Zo zou je het kunnen noemen ja.”
De kunst van jouw interview?
“Oprechte interesse. Alsof je zelf werkzaam bent binnen het bedrijf. Een goede bedrijfsjournalistieke houding betekent voor mij automatisch een goed inlevingsvermogen. In een interview kan het alle kanten op gaan. Je weet per slot van rekening nooit wat iemand op tafel gooit. Of ik het verhaal dan alsnog over een andere boeg gooi? Natuurlijk! Ik ga alleen mijn doel voorbij als ik dingen opschrijf die niet in het belang zijn van het desbetreffende bedrijf. Als er iets negatiefs gebeurt, moet je dat zo genuanceerd mogelijk brengen. Daar zouden vrije journalisten wel eens een voorbeeld aan kunnen nemen.”
Alle bijdragen van deze studenten staan ook op hun eigen website.
Er zijn nog geen reacties op dit artikel
vws#Dia: meer interactie mogelijk
Terwijl veel ministeries hun personeelsblad ophieven, ontwikkelde Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) een combinatie van een digitaal en papieren magazine. Hoofdredacteur Rob Langeveld zoekt naar manieren om de bezoeker van digimagazine vws#Dia langer vast te houden dan een quick look. Was het voor vws#Dia een ambitie om trendsetter te zijn bij de rijksoverheid? "Nee, bovendien zijn we niet de eerste. Zo kwam de Rijksgebouwendienst eind vorig jaar met een digitaal magazine, Kort Bestek. vws#Dia biedt VWS meer mogelijkheden, naast de papieren Diagonaal die nog steeds vier keer per jaar verschijnt. Een digitaal magazine maakt bijvoorbeeld meer interactie mogelijk, dat was een nadrukkelijke wens van het ministerie. Bovendien is uitgangspunt van het Rijk om zoveel mogelijk digitaal te doen. Veel andere ministeries hieven het personeelsblad op, wij zijn tijdig op zoek gegaan naar een alternatief." lees verder
BRUCE: van magazine tot soeppakje
Alweer een prijs voor BRUCE magazine. In Londen won het Belgische bureau Het Salon de Content Marketing Award 2011 in de categorie ‘Best integrated marketing solution of the year’. In 2009 en 2010 sleepte het blad over marketing en communicatie ook al twee SMIN-prijzen in de wacht. Wat is het geheim van Bruce? We vroegen het aan hoofdredacteur Willem-Jan van Ekert. lees verder
