Interview

Barbara van Beukering: 'We willen allemaal een Any Body'

Door Marije van den Berg 1 april 2005

0 reacties

Barbara van Beukering maakt het Volkskrant Magazine. Ze is ook de hoofdredacteur van het tweede nummer van Blaadje: het tijdschrift over tijdschriften. Onvervalste bedrijfsjournalistiek.

Leuk, hè, een personeelsblad maken?
‘Nou, nou, een personeelsblad? Het is anders wel 180 pagina’s glossy, hoor! Geen krantje zoals we dat hier bij PCM in de hal hebben liggen.’

Okay, een heel sjiek en dik personeelsblad. Maar evengoed: een blad voor bladenmakers maken is toch gewoon bedrijfsjournalistiek?
‘Laten we het dan een vakblad noemen. Maar een publiekstijdschrift is het inderdaad niet.’

Waarom ligt het dan toch bij de kiosk?
‘In heel beperkte mate, alleen bij de BGN-boekhandels – die met het sterretje. Verder is het op naam verstuurd in de branche.’

Daar rekent de bedrijfsjournalistiek zich ook toe. Toch zitten bij de twaalf vrouwen die in de redactie zaten, geen bedrijfsjournalisten.
‘Daar ging ik niet over, hoor. Er zijn honderden aanmeldingen gekomen bij de uitgever voor de redactie en hij heeft de selectie gemaakt. Het was ook zijn idee om alleen vrouwen te nemen. Maar inderdaad, het benauwde Sanoma-wereldje mag wel wat verbreden. Ik zou zeggen: laat bedrijfsjournalisten zich vooral aanmelden voor Blaadje 3.’

Omdat het goed verdient?
‘Integendeel: het is allemaal liefdewerk oud papier. In de avonduren en de weekends. Mijn drie kinderen zijn erg blij dat het af is.’

Zie jij jezelf nog eens een bedrijfsblad maken?
‘Dat zou wel een echt blad moeten zijn, geen suf krantje. Maar op zich zou ik het best willen. Want soms zie ik bedrijfsbladen en dan denk ik: oef!’

Welke?
‘Nee, ik zeg niets!’

Beschrijf de ijkpersoon van Blaadje 2 eens.
‘Dat is een bladenmaker. En omdat de hele redactie uit bladenmakers bestond, was een ijkpersoon eigenlijk niet meer nodig.’

Grappig. Als bedrijfsjournalisten een blad maken bestaat de hele redactie atíjd uit de doelgroep. Toch bedenken we dan wel een ijkpersoon.
‘De redactie bestaat uit twaalf heel verschillende vrouwen, het was al schipperen met de onderwerpen. Ik denk dat het bedenken van een ijkpersoon dat nog lastiger had gemaakt.’

Jullie staan ook allemaal op een paar plekken in het blad. De grote valkuil van een blad ‘voor jezelf’ maken?
‘Ik vind het juist lef. We staan er bijvoorbeeld thuis, met onze partners in, en daar was niet iedereen meteen voor, kan ik je vertellen.’

Hoe was dat, 180 pagina’s vullen met wat jíj wilt?
‘Het was heel hard werken. Ik was doodmoe, maar toch: het is zo ontzéttend leuk om een blaadje te maken. Zeker als er geen vast format is. Maar er lagen geen wensen van redacteuren om nu eindelijk eens dit of dat te doen. Als eindredacteur vind je blijkbaar altijd wel een manier om je idee in je eigen blad te krijgen.’

Gouden ideeën van elkaar opgedaan?
‘Kijk, elke bladenmaker is natuurlijk op zoek naar de parel onder de rubrieken. We willen allemaal een Viva’s Any Body. Maar dat is dan ook meteen het allermoeilijkst van een blad maken. En dat soort ideeën hebben we dus níet van elkaar opgedaan bij het maken van Blaadje. Als we die al hadden bedacht, zouden we die wel voor onszelf hebben gehouden…’

Wat heb je dan wel van de samenwerking opgestoken?
‘Iets wat ik eigenlijk wel wist, maar wat nog eens duidelijk naar voren kwam: dat niet iedereen voor elk blad kan schrijven. Auteurs die ik erg goed vind voor Volkskrant Magazine, vonden anderen weer helemaal niets voor hun bladen. Dat merkte ik ook toen ik van Blvd naar het Magazine ging. Drie van mijn ster-auteurs dacht ik ook hier in te gaan zetten, maar die zakten volledig door het ijs. Het sterft in de branche van de tekstbureautjes van vrouwen die zich helemaal groen en geel freelancen, van de Varagids tot de Libelle. Dat wantrouw ik. Dat zijn de middenmoters. Als je écht goed bent ergens in, doe je niet veel andersoortige dingen. Je past bij een soort blad of niet. De samenwerking met de andere vrouwen in de Blaadje-redactie heeft dat nog eens bevestigd.’

In Blaadje staat een artikel over de invloed van adverteerders. Voor een bedrijfsjournalist is het aardig om te lezen dat ook jullie ‘moetjes’ in je blad hebben. Bij ons is dat de column van de directeur, bij jullie het bericht over die fantastische nachtcrème van de vaste adverteerder. Is het inderdaad hetzelfde?
‘Het ontloopt elkaar niet veel, denk ik. Bij Blvd en Avant Garde had ik er natuurlijk meer last van dan bij de Volkskrant. Tja, we moeten toch geld verdienen.’

Je maakte een blad voor ‘ons soort mensen’, en dat zijn bekenden. Hoe vaak is er gecensureerd?
‘Helemaal niet. Of toch: we hadden een ontzettend geestig artikel over de hoofdredacteur van Playboy – die is vervelend weggegaan. Maar de man werd er wel met de grond gelijk gemaakt. Dat was zo verschrikkelijk, dat hebben we niet geplaatst.’

Omdat het iemand is die je op een borrel tegenkomt?
‘Nee, omdat het echt te ver ging. Dat heeft de redactie democratisch besloten.’

Blaadje 2 is te koop bij de boekhandels met een sterretje *). Blaadje 3 zoekt een redactie: sollicitaties kunnen naar sharon@blaadje.nl.

Reacties

Er zijn nog geen reacties op dit artikel

vws#Dia: meer interactie mogelijk

1 februari 2012

Terwijl veel ministeries hun personeelsblad ophieven, ontwikkelde Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) een combinatie van een digitaal en papieren magazine. Hoofdredacteur Rob Langeveld zoekt naar manieren om de bezoeker van digimagazine vws#Dia langer vast te houden dan een quick look. Was het voor vws#Dia een ambitie om trendsetter te zijn bij de rijksoverheid? "Nee, bovendien zijn we niet de eerste. Zo kwam de Rijksgebouwendienst eind vorig jaar met een digitaal magazine, Kort Bestek. vws#Dia biedt VWS meer mogelijkheden, naast de papieren Diagonaal die nog steeds vier keer per jaar verschijnt. Een digitaal magazine maakt bijvoorbeeld meer interactie mogelijk, dat was een nadrukkelijke wens van het ministerie. Bovendien is uitgangspunt van het Rijk om zoveel mogelijk digitaal te doen. Veel andere ministeries hieven het personeelsblad op, wij zijn tijdig op zoek gegaan naar een alternatief." lees verder

BRUCE: van magazine tot soeppakje

3 januari 2012

Alweer een prijs voor BRUCE magazine. In Londen won het Belgische bureau Het Salon de Content Marketing Award 2011 in de categorie ‘Best integrated marketing solution of the year’. In 2009 en 2010 sleepte het blad over marketing en communicatie ook al twee SMIN-prijzen in de wacht. Wat is het geheim van Bruce? We vroegen het aan hoofdredacteur Willem-Jan van Ekert. lees verder