Personeelsbladen in de crisis: zender aan
Sebastiaan van der Lubben en Marissa Driesprong
Tijdens de crisis ging in vier personeelsbladen de zender aan. Berichten van de werkvloer, waar de consequenties het hardst aankomen, bleven beperkt. Bedrijfsjournalistiek.nl las vier willekeurige bladen in sectoren die het zwaar hebben.
Staalbedrijf Corus (IJmuiden) kreeg het in januari dit jaar fors voor de kiezen. De mondiale vraag naar staal nam snel af. Het bedrijf moest arbeidsplaatsen schrappen. Achthonderd fte’s moesten verdwijnen. Allemaal door natuurlijk verloop. Wie zijn baan hield moest minder gaan werken. Je zou hoofdredacteur van Focus zijn – het personeelsblad van Corus. Hoe over de crisis te schrijven? De redactie koos onder meer voor een spread met de kop De kunst van het stilleggen. Grote foto van een vonkende oven, weinig tekst. Geen manager die speecht over nieuwe kansen, geen overspannen huisvrouw of huilende kinderen van een ontslagen staalarbeider. De gekozen metafoor was het diepblazen ofwel leegstoken van Hoogoven 6 in de nacht van 2 op 3 december 2008. Focus was er getuige van. Crisis in je personeelsblad – zo kan het ook.
De crisis is al zo vaak in het nieuws – welke draai geeft het personeelsblad er aan? Tweemaal turfden we crisisartikelen in vier tijdschriften die tussen oktober 2008 en februari 2009 verschenen. We wilden weten welke benadering de redactie koos, welke invalshoek. Ging de zender aan of tekenden redacteuren vooral berichten op van de werkvloer: de bottom-up-benadering? We lazen Enter van kranten- en boekenuitgever PCM, Focus van staalbedrijf Corus, Nedwerk van autobouwer Nedcar en Matters van bank-verzekeraar ING. Personeelsbladen in geplaagde sectoren.
Verhaal van de vloer
In het decembernummer van Focus zet sitemanager Theo Henrar van Corus IJmuiden graag de schouders eronder. Hij trekt, met Dook van den Boer (Director Manufacturing) langs medewerkers om vragen over de ‘situatie’ te beantwoorden. Januari is de maand dat in IJmuiden de hardste klappen vallen. Achthonderd FTE’s moeten verdwijnen – allemaal via natuurlijk verloop, het is een kortje in de rubriek Dag voor dag in het februarinummer. In dezelfde editie is een verhaal opgetekend van de werkvloer: Bram Grapendaal neemt vrijwillig firmawerk over en maakt met een groep collega’s op veertig meter hoogte, schoon. ‘Bunkerhard’ werken, heet het in Corus-termen. ‘Het bedrijf is altijd goed geweest voor ons’, zegt Bram in de één-na laatste alinea, nadat diverse managers eerst hebben mogen uitleggen waarom werk van externen door Corus-werknemers wordt overgenomen. ‘… dus nu doen wij wat voor het bedrijf.’
Hoofdredacteur Lukas Burgering geeft aan dat de artikelen aansluiten bij de bedrijfsdoelstellingen op dit moment. ‘We willen door de crisis heen, dat speelt op dit moment in het bedrijf. Dit klinkt dus ook door in Focus. Daarbij moeten de artikelen aansluiten bij de doelgroep. Van de 25.000 mensen die Focus ontvangen, is natuurlijk lang niet iedereen manager. Daarom letten we erop dat werknemers met diverse functies aan het woord komen over de crisis.’
Zender aan
Matters, het personeelsblad van de ING, koos in het januari/februarinummer voor één pagina over een Belgische klant, moeder van een vijf maanden oude zoon. De crisis had haar leven danig omgewoeld. ‘Door de crisis doet mijn man slechte zaken en wie weet hoe lang dat nog gaat duren. Het is natuurlijk niet volledig de schuld van de banken dat we in deze situatie zitten.’ Ze moet eerder gaan werken dan ze wilde om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen. De ankeiler op de voorpagina beloofde echter meer: ‘Klanten over wat ze nu het hardst nodig hebben’. Het blijft bij deze ene moeder.
Matters citeert verder vooral het management. De hoogste op dat moment, CEO Michel Tilmant, verwacht leiderschap om de bank door deze zware tijden heen te loodsen. ‘Met mensen praten, zorgen dat medewerkers begrijpen wat de koers is en waarom.’ Twee maanden later, Tilmant is vertrokken en Jan Hommen komt voor hem in de plaats, staat die zender nog niet uit. ‘Om effectief te kunnen zijn, moeten we allemaal hetzelfde doel voor ogen zien te houden.’ En op de vraag waarvan zijn hart sneller gaat kloppen, antwoordt hij: ‘Van een team dat succes heeft, of jong talent dat komt bovendrijven. (…) De meeste mensen hebben veel meer in zich dan ze ooit hadden durven dromen.’ Je kunt er nooit genoeg van hebben ten tijde van zo’n belangrijke en grote uitdaging. Hoe dat talent tegen Hommen aankijkt en wat zij van de machtswisseling vinden … Matters onderzoekt het niet.
Hoofdredacteur Rogier van der Zwaan (ING) zegt dat Matters naast het vinden van de balans in goede artikelen voor de doelgroep nog een moeilijkheid heeft. Het blad wordt namelijk in veel verschillende landen verspreid, wat met zich meebrengt dat er cultuurverschillen bestaan tussen de lezers van het blad. ‘In Europa kan een bijna therapeutisch verhaal over een ontslagen werknemer heel goed, maar in Azië hang je echt je vuile was niet buiten. Natuurlijk breng je niet alleen goednieuwsverhalen. Als overal in de kranten staat dat het slecht gaat en dat lees je vervolgens in het bedrijfsblad nergens terug, ben je weg natuurlijk.’
Berichtgeving uitbesteed
Nedwerk (Nedcar) zit in december in ongeveer hetzelfde schuitje als Corus. Ook hier loopt de productie terug en ook hier wordt voor personeelsleden werktijdverkorting aangevraagd. De economische crisis slaat toe, toch siert een vrolijke Marie José Schrijen-Giesberts, getooid met kerstmuts en dito boom half uit een auto hangend, de voorpagina. Tetsuro Miki (CEO) en Joost Govaarts (COO) kijken terug op een jaar met twee gezichten. Het begon hoopgevend, maar de crisis hangt als een dreigende onweerswolk boven Nedcar. Op de Nedcar in het nieuws-pagina citeert de redactie uit andere nieuwsbronnen over de maatregelen die het bedrijf neemt om de crisis het hoofd te bieden.
Berichtgeving over de crisis, lijkt het, wordt hier ‘uitbesteed’. In februari vertellen managers Jack Koenen en Maarten Sprenger dat werktijdverkorting aanpassingen van de organisatie vraagt. Facturen kunnen wel eens blijven liggen en de kantine is niet altijd even goed gevuld, wat leidt tot lastige managementstaken. Telefoniste Thoos Peustjens ondervindt wel eens problemen met doorverbinden; niet iedereen is er in verband met de werktijdverkorting niet altijd. Zij zelf ook niet, trouwens. Als ze dan haar WTV-middag heeft, kan ze zomaar teruggeroepen worden omdat er storing in de centrale is. De crisis vraagt blijkbaar de nodige flexibiliteit van Nedcarmedewerkers.
‘De berichtgeving zoals die nu gedaan is, is een redactionele keuze geweest’, zegt hoofdredacteur Paul Hafkemeijer. ‘We laten diverse werknemers aan het woord, daar zijn de rubrieken ook op gemaakt. Dat proberen we over elk onderwerp te doen, dus ook over de crisis. Naar mijn idee is dat ook in het laatste nummer weer aardig gelukt.’
Drie pagina’s crisis
Enter (PCM) verschijnt vier keer per jaar. Alleen het decembernummer van 2008 ruimt pagina’s (A3 formaat) in voor de crisis. In totaal gaan drie van de acht pagina’s op aan crisisgerelateerd nieuws. Het Advertentiebureau heeft het zwaar – gedwongen ontslagen zijn niet uitgesloten, kopt de krant op de voorpagina. In het binnenwerk stellen drie journalisten dat de crisis ook nieuws oplevert. In de spread in het hart van het blad legt de redactie PCM-directeur Bert Groenewegen het vuur aan de schenen. “We hebben verwachtingen gewekt die niet zijn nagekomen” luidt de kop. En op de achterpagina een handige tool om de crisis te volgen – een Googlegadget voor leken op financieel gebied.
Marije van den Berg, eindredacteur van Enter, vindt dat je niet om de crisis heen kunt. ‘Eigenlijk net als het WK voetbal: je moet er iets mee doen in je bedrijfsblad. De kunst is om er een passende invalshoek bij te bedenken. Als mensen in je bedrijf niks merken van de crisis, moet je er dan over schrijven? Met de krantenbranche gaat het natuurlijk al een tijd slecht, dat komt niet alleen door de crisis. Ik vind dat we genoeg aandacht aan de crisis hebben besteed.’
Uit alle artikelen spreekt een duidelijke trend: er is vooral aandacht voor de oorzaken van de crisis (analyse) en te nemen maatregelen (beleid). Het management legt pagina’s lang uit hoe willekeurig de mondiale economie hen opzadelt met uitdagingen waar iedereen zijn schouders onder moet zetten. Alleen Focus doet het anders: voortdurend zoekt (en vindt) het blad mogelijkheden om wel van de werkvloer te berichten.
Sebastiaan van der Lubben is eindredacteur bij Maters & Hermsen bedrijfsjournalisitek. Marissa Driesprong studeert Journalistiek en Nieuwe media.
